De nieuwe herfstcampagne voor coronavaccinatie zorgt voor discussie over hoe mogelijke bijwerkingen worden vastgelegd en gedeeld. Uit een doorrekening van Europese melddata zouden in korte tijd 95 Nederlandse meldingen zijn geregistreerd, waarvan er twee leidden tot een ziekenhuisopname.
Het Artsen Collectief vraagt zich af hoe zichtbaar deze informatie is bij Bijwerkingencentrum Lareb.
Vooral het punt dat je de genoemde meldingen volgens betrokken onderzoekers niet als losse items in de openbare overzichten terugziet, wekt kritiek.
Wat laten de aantallen nu eigenlijk zien? En hoe kan het dat niet elke melding meteen online staat?
95 meldingen binnen enkele dagen
Data-analist Wouter Aukema zou volgens de berichtgeving gegevens hebben verzameld uit het Europese registratiesysteem voor vermoedelijke bijwerkingen van medicijnen en vaccins.
Het zou gaan om meldingen die tussen 30 september en 11 oktober 2026 vanuit Nederland zijn doorgegeven.
In totaal telde de analyse 95 meldingen, waarin samen 382 vermoedelijke bijwerkingen zijn beschreven.
Dat onderscheid is belangrijk.
Eén persoon kan namelijk meerdere klachten doorgeven, zoals hoofdpijn, vermoeidheid en spierpijn.
382 gemelde klachten betekent dus niet dat 382 verschillende mensen iets hebben ervaren.
Volgens de analyse gaat het om een recente variant van het Pfizer/BioNTech-coronavaccin.
De genoemde aantallen zijn niet onafhankelijk bevestigd met een volledig, controleerbaar databestand.

Vooral oudere mensen deden melding
Uit de gepubliceerde gegevens blijkt dat 61 melders vrouw waren en 34 man.
De leeftijden varieerden van 29 tot en met 88 jaar.
Bijna 57 procent van de melders zou 70 jaar of ouder zijn.
Dat past bij de doelgroep van de najaarsprik.
De coronaprik is onder meer bedoeld voor ouderen en mensen met een hoger risico op ernstige COVID-19.
Die context is belangrijk als je meldingen beoordeelt.
Ouderen hebben ook zonder vaccinatie een grotere kans op bepaalde gezondheidsklachten.
Daarom is vervolgonderzoek nodig om te bepalen of een klacht daadwerkelijk door een vaccinatie komt.
Twee meldingen met opname in het ziekenhuis
Het meest in het oog springende deel van de data betreft twee ernstige medische gebeurtenissen.
Bij een vrouw van 85 jaar of ouder zou een beroerte zijn gemeld, gevolgd door opname in het ziekenhuis.
Bij een andere vrouw, tussen 65 en 85 jaar, zou sprake zijn geweest van cerebrale veneuze sinustrombose.
Dat is een aandoening waarbij zich een bloedstolsel vormt in een ader die het bloed uit de hersenen afvoert.
Ook zij zou in het ziekenhuis zijn opgenomen.
Beide aandoeningen zijn serieus en vragen om medische beoordeling.
Belangrijk onderscheid: iets wat na vaccinatie gebeurt is niet per definitie door de vaccinatie veroorzaakt.
Op basis van alleen deze meldingen kun je niet concluderen dat de prik de oorzaak was van de beroerte of de trombose.
Daarvoor zijn extra medische gegevens en onderzoek nodig.
Welke andere klachten kwamen voorbij?
Naast de twee ernstige meldingen doken klachten op die je vaker ziet.
Het ging onder andere om hoofdpijn, moeheid, spierpijn, rillingen, koorts en pijn op de prikplek.
Die zijn ook bekend uit eerdere onderzoeken naar coronavaccins.
Ze kunnen ontstaan doordat je immuunsysteem reageert op de vaccinatie.
Meestal trekken zulke klachten binnen een paar dagen weg.
Verder zijn er meldingen van bijvoorbeeld hartritmestoornissen, oorsuizen en neurologische klachten.
Ook hier geldt: een registratie is op zichzelf geen bewijs dat het door het vaccin komt.
Het doel van een meldsysteem is mogelijke signalen verzamelen die je daarna beter kunt uitzoeken.
Artsen Collectief vraagt om meer openheid
Het Artsen Collectief, een groep medische professionals die kritisch meekijkt met onderdelen van het coronabeleid, heeft de aandacht gevestigd op deze gegevens.
Volgens de organisatie zouden de meldingen makkelijker toegankelijk moeten zijn voor het publiek.
De kritiek gaat vooral over de vraag waarom je de betreffende meldingen niet één voor één kunt terugvinden in de openbare overzichten van Lareb.
Volgens de berichtgeving heeft het Artsen Collectief daarom zelf een lijst met deze meldingen online gezet.
Daarmee ontstaat een debat over hoe vermoedelijke bijwerkingen worden geregistreerd, verwerkt en gedeeld.
De organisatie vindt dat burgers inzicht moeten hebben in meldingen die tijdens een lopende vaccinatiecampagne binnenkomen.
Wat zegt Lareb zelf over meldingen?
Bijwerkingencentrum Lareb verzamelt meldingen van mogelijke bijwerkingen van medicijnen en vaccins.
Iedereen kan een melding doen, ook als nog onduidelijk is of een klacht echt door het middel of het vaccin komt.
Op de website legt Lareb uit dat meldingen niet altijd direct zichtbaar zijn.
Dat komt onder andere doordat ze eerst verwerkt en beoordeeld moeten worden.
Daarnaast worden klachten in openbare overzichten soms onder bredere medische categorieën samengevoegd.
Daardoor kun je je eigen klacht niet altijd letterlijk terugvinden.
Lareb geeft aan dat alle binnengekomen meldingen worden gelezen, opgeslagen en meegenomen in analyses.
Dat je een melding niet apart op de site ziet, betekent dus niet automatisch dat die wordt genegeerd of achtergehouden.
Waarom zijn meldingen belangrijk?
Meldsystemen zijn cruciaal om de veiligheid van medicijnen en vaccins te blijven volgen.
In klinische studies komt al veel naar voren.
Maar zeldzame bijwerkingen worden soms pas zichtbaar als een middel heel veel wordt gebruikt.
Daarom blijven toezichthouders ook na goedkeuring gegevens verzamelen.
Als bepaalde klachten opvallend vaak gemeld worden, kan dat aanleiding zijn voor extra onderzoek.
Onderzoekers kijken dan bijvoorbeeld naar leeftijd, bestaande aandoeningen, andere medicatie en hoe vaak dezelfde klacht normaal gesproken voorkomt.
Pas na zorgvuldige weging kun je zeggen of er een aanwijzing is voor een nieuw veiligheidsrisico.
Wat laten eerdere vaccinatiecijfers zien?
Op 17 september 2026 publiceerde Lareb een rapportage over de najaarsvaccinatie van 2025.
In dat seizoen zijn ruim 2,2 miljoen coronavaccins gezet.
Het bijwerkingencentrum ontving 1.141 meldingen van vermoedelijke bijwerkingen.
Samen ging het om 4.140 geregistreerde klachten.
Bij ongeveer vijf procent van de meldingen was er een vermoeden van een ernstige bijwerking.
Volgens Lareb kwamen uit de meldingen en het aanvullende vragenlijstonderzoek geen nieuwe of onverwachte bijwerkingen naar voren.
Die cijfers gaan over de campagne van 2025 en zeggen niet automatisch iets over de nieuwe ronde van 2026.
Wat zeggen 95 meldingen over de veiligheid?
Het aantal meldingen op zichzelf vertelt weinig over hoe vaak een bijwerking echt voorkomt.
Daarvoor moet je onder andere weten hoeveel mensen in dezelfde periode een prik hebben gehad.
Ook moet je checken of de gemelde klachten vaker voorkomen dan je normaal zou verwachten.
Als iemand kort na een vaccinatie een beroerte krijgt, wil dat dus nog niet zeggen dat de vaccinatie de oorzaak is.
Beroertes komen ook voor bij mensen die niet recent zijn gevaccineerd.
Onderzoekers moeten daarom kijken of er een statistisch en medisch onderbouwd verband is.
Zonder die vergelijking kun je uit de 95 meldingen geen betrouwbare uitspraak doen over het risico op ernstige bijwerkingen.
Discussie over openbaarheid gaat door
De berichtgeving raakt aan een bredere vraag: hoe snel en hoe gedetailleerd moeten toezichthouders vermoedelijke bijwerkingen openbaar maken?
Voorstanders van meer openheid vinden dat burgers zelf de nieuwste meldingen moeten kunnen inzien.
Tegelijkertijd waarschuwen bijwerkingencentra dat ruwe meldingen makkelijk verkeerd geïnterpreteerd worden.
Een lange lijst medische gebeurtenissen kan namelijk de indruk wekken dat ze allemaal door een vaccin zijn veroorzaakt, terwijl dat nog onderzocht moet worden.
Beide kanten zijn belangrijk voor goede informatievoorziening.
Transparantie helpt je begrijpen wat het toezicht doet, terwijl heldere uitleg nodig is om de cijfers juist te duiden.
Wat weten we nu?
Volgens de aangehaalde analyse zijn er in twaalf dagen 95 meldingen gedaan, met daarin 382 vermoedelijke bijwerkingen.
Twee meldingen gingen over ernstige gebeurtenissen waarbij een ziekenhuisopname volgde.
Het Artsen Collectief stelt vragen over de zichtbaarheid van deze informatie.
Lareb legt in algemene zin uit dat meldingen niet altijd meteen online komen, onder andere vanwege verwerking en beoordeling.
Op basis van de beschikbare informatie is er geen bewijs dat de genoemde ernstige aandoeningen door het vaccin zijn veroorzaakt.
Ook is er geen vaststelling dat Lareb deze specifieke meldingen bewust heeft achtergehouden.
De kern van de discussie: hoe veilig zijn vaccins, en hoe open deel je informatie over mogelijke bijwerkingen?
Wat vind jij? Moeten alle vermoedelijke bijwerkingen meteen openbaar zijn, of is het beter als ze eerst beoordeeld worden?



