Per 1 juli 2026: kans op een wachtrij voor je stroomaansluiting
Ben je van plan je huis te verduurzamen, extra elektrische apparatuur te plaatsen of te verbouwen? Vanaf 1 juli 2026 kun je als huishouden in een wachtrij belanden zodra je een nieuwe of zwaardere elektriciteitsaansluiting nodig hebt. Op veel plekken zit het stroomnet simpelweg vol, waardoor netbeheerders je niet altijd meteen kunnen helpen. Wat betekent dat voor jouw plannen?
Wat bedoelen we met netcongestie?
Je kunt netcongestie zien als een opstopping op het elektriciteitsnet: er willen op hetzelfde moment meer mensen stroom gebruiken of terugleveren dan het net aankan. Het gaat niet continu mis; vooral piekuren geven problemen. Zoals Olof van der Gaag van de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie uitlegt, gaat het om ongeveer 200 tot 300 uur per jaar waarin de vraag de capaciteit overstijgt. Buiten die pieken is er technisch vaak nog speelruimte, zeker als je je verbruik kunt verschuiven. Toch is er een wachtrij omdat het net een deel van de tijd overbelast raakt.
Hoe komt het dat het net zo volloopt?
Steeds meer apparaten draaien op stroom: van inductiekookplaten en warmtepompen tot laadpalen voor elektrische auto’s. Nieuwe woonwijken en bedrijventerreinen vragen om aansluitingen. Bedrijven stappen over van gas naar elektriciteit voor hun processen. Ondertussen wekken veel huishoudens zonnestroom op, vaak precies wanneer het net al moeite heeft met pieken. De knel zit meestal niet in de totale hoeveelheid energie, maar in gelijktijdig verbruik of teruglevering. Alsof dat nog niet genoeg is, kampen netbeheerders met personeelstekorten, waardoor uitbreiden traag verloopt.
Wachttijden: waar moet je rekening mee houden?
Voor kleinverbruikers (huishoudens en kleine bedrijven) liepen de wachttijden al flink op. In 2025 duurde een nieuwe aansluiting gemiddeld zo’n 45 weken; het verzwaren van een bestaande aansluiting kostte gemiddeld 21 weken. Hoe dit zich na 1 juli 2026 ontwikkelt, hangt sterk af van je regio en kan volgens Van der Gaag in sommige gebieden nog jaren duren.
Uitbreiden van het net gaat traag
Er zijn nieuwe kabels en transformatorstations nodig, maar de realisatie vergt veel tijd. Vergunningen duren lang en locaties liggen vaak gevoelig. Een treffend voorbeeld: TenneT wil in Utrecht een nieuw hoogspanningsstation bouwen om ruimte te creëren, maar na negen afgevallen locaties wordt nu naar een tiende gekeken. Een oplevering die eerst rond 2029 werd verwacht, kan daardoor opschuiven richting 2035. Dat laat zien hoe stroperig uitbreiden in de praktijk is.
Dit verandert er concreet voor huishoudens
Tot nu toe hadden vooral grootverbruikers te maken met wachtlijsten; voor kleinverbruikers was vaak ruimte gereserveerd. Vanaf 1 juli 2026 verdwijnt dat onderscheid. Heb je thuis een zwaardere aansluiting nodig—bijvoorbeeld voor een laadpaal, een warmtepomp of drie fasen voor inductie—dan kom je in dezelfde rij als bedrijven. Dat geldt ook voor nieuwbouwwoningen die nog aangesloten moeten worden.
Wie krijgt voorrang op een volle lijn?
In principe geldt: wie het eerst aanvraagt, wordt het eerst geholpen. In gebieden met netcongestie kunnen sommige organisaties echter voorrang krijgen via het maatschappelijk prioriteringskader. Die prioriteit hangt af van het maatschappelijk belang, niet van de grootte van de aansluiting of het stroomverbruik.
Waarom komt er een wachtlijst voor consumenten?
Niet de politiek, maar de Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft hiervoor gekozen. De ACM moet wettelijk zorgen voor een eerlijke verdeling van schaarse netcapaciteit en vindt het niet logisch om huishoudens standaard voorrang te geven boven bedrijven. Binnen de kaders van de Energiewet mag de ACM zulke regels vaststellen.

Wanneer kun jij op de wachtlijst belanden?
In regio’s met weinig ruimte op het net kunnen onder meer de volgende aanvragen in de wachtrij komen: een privélaadpaal, het aansluiten van een warmtepomp, overstappen op inductie waarvoor drie fasen nodig zijn, het verhogen van je aansluitwaarde bij een verbouwing en de netaansluiting van een nieuwbouwwoning.
Is jouw regio overbelast?
De druk verschilt per gebied. Vooral Flevoland, Gelderland, Utrecht en delen van Brabant hebben het zwaar. Op de landelijke capaciteitskaart van Netbeheer Nederland zie je per regio de status: rood betekent tekort met wachtrij, oranje is in onderzoek met wachtrij, geel is beperkt beschikbaar en wit is vrij beschikbaar.
Wie doet wat op het stroomnet?
Regionale netbeheerders zoals Liander, Stedin en Enexis beheren het midden- en laagspanningsnet: zij onderhouden kabels, plaatsen slimme meters en sluiten woningen en bedrijven aan. TenneT beheert het landelijke hoogspanningsnet, de ‘snelwegen’ waarlangs grote hoeveelheden stroom van producenten naar de regio gaan. Deze partijen zijn publiek eigendom.
Wat kun je zelf doen om te helpen?
Je helpt enorm door je stroomgebruik te verschuiven uit de drukste uren, grofweg tussen 16.00 en 21.00 uur. Netbeheerders noemen een simpel voorbeeld: als 200 huishoudens de wasdroger pas ná de piek gebruiken, komt er genoeg energie vrij om 62 huishoudens een hele dag van stroom te voorzien. Het is net als de spits vermijden: laat apparaten buiten de drukke tijden draaien, verschuif laadmomenten en spreid je verbruik. Zo kan het bestaande net veel meer aan.



