Ondanks toenemende politieke tegenwind gaat de bouw van zeker zeven nieuwe megadatacentra in Nederland gewoon door. Dat blijkt uit gegevens van branchevereniging Dutch Datacenter Association (DDA). Zoals je daaruit kunt opmaken, zijn de benodigde vergunningen grotendeels al afgegeven, waardoor eventuele nieuwe regels waarschijnlijk te laat komen om de projecten nog te blokkeren.
Die plannen wakkeren het debat flink aan. Terwijl duizenden woningen niet van de grond komen door een overbelast stroomnet, krijgen de nieuwe datacentra wél toegang tot enorme hoeveelheden elektriciteit.
Kamer zet vraagtekens bij nieuwe datacentra
In de Tweede Kamer zwelt de kritiek op zogeheten hyperscales aan. Dat zijn gigantische datacentra van techreuzen als Microsoft en Google.
ChristenUnie-Kamerlid Pieter Grinwis stelde zich onlangs scherp op. Volgens hem is het lastig uit te leggen dat woningbouw vastloopt, terwijl grote Amerikaanse technologiebedrijven wel plek krijgen op het Nederlandse elektriciteitsnet.

Stroomverbruik enorm
Zo’n hyperscale-datacenter hakt er qua impact stevig in.
Eén grote locatie trekt doorgaans 70 tot 100 megawatt aan vermogen, goed voor ongeveer 600 tot 900 gigawattuur per jaar.
Om je een beeld te geven:
- Eén hyperscale verstookt grofweg evenveel elektriciteit als 200.000 tot 350.000 huishoudens.
- Zeven van dit soort centra samen komen uit op het verbruik van ruwweg 1,5 tot 2 miljoen huishoudens.
- Dat is vergelijkbaar met het stroomgebruik van meerdere grote Nederlandse steden.
Nu al nemen datacentra circa 5 procent van het totale Nederlandse stroomverbruik voor hun rekening. Netbeheerders verwachten dat dit aandeel de komende jaren verder oploopt.
Waterverbruik stijgt eveneens hard
Behalve stroom gaat er ook veel water doorheen om de servers te koelen.
Afhankelijk van de koelmethode slurpt een grote hyperscale jaarlijks zo’n 100 miljoen tot 1 miljard liter water.
Als alle zeven nieuwe locaties volledig draaien, kan het totale waterverbruik oplopen tot verscheidene miljarden liters per jaar.
Dat staat gelijk aan het jaarlijkse drinkwatergebruik van vele tienduizenden Nederlandse huishoudens.
Vergunningen grotendeels binnen
Over dit onderwerp wordt al jaren gesteggeld.
In 2022 besloot het kabinet dat nieuwe hyperscale-datacentra alleen nog op enkele aangewezen locaties mochten verrijzen, met bovendien beperkingen op de omvang.
Voor meerdere projecten waren de papieren toen echter al rond. Daardoor vallen onder meer de geplande locaties in Amsterdam en Lelystad buiten de nieuwe spelregels.
Nog meer plannen in de pijplijn
Naast de zeven projecten die vrijwel zeker doorgaan, liggen er ook nog ideeën voor extra hyperscales.
Of die er echt komen, hangt af van toekomstige politieke keuzes.
Voorstanders benadrukken investeringen, banen en de snel groeiende vraag naar digitale diensten. Critici vrezen juist dat Nederland steeds meer ruimte, stroom en water vrijmaakt voor buitenlandse techbedrijven, terwijl huishoudens en ondernemers kampen met netcongestie en oplopende kosten.
De discussie over de plek van megadatacentra in Nederland lijkt voorlopig nog niet beslecht.



