Als je vroeger thuis of op de camping meehielp, ken je het vast nog: dat kleine metalen sleuteltje dat soms aan een blikje vastzat. Daarmee rolde je een smalle strook metaal langzaam op, zodat het blik open ging. Je zag het vooral bij blikjes corned beef of sardientjes.
Voor veel mensen is het zo’n typisch ouderwets keuken-dingetje.
Dat aparte sleuteltje op blikjes
Bij sommige conserven zat vroeger een klein sleuteltje aan de verpakking vast. Daarmee kon je een blik openmaken zonder een losse blikopener.
Langs de rand van het blik zat een dun metalen lipje. Je schoof het sleuteltje daarop en draaide het rond; terwijl je draaide, rolde het metaal op en ontstond er een opening.
Vooral bekend bij corned beef en sardientjes
Dat systeem kwam vooral voor bij producten als corned beef en sardientjes. De blikjes waren vaak langwerpig, met bovenop een smalle metalen strip die je met het sleuteltje kon oprollen.
Zo’n blikje openen voelde bijna als een klein ritueel: rustig draaien tot het geheel loskwam.

Het ging niet altijd vlekkeloos
Handig was het zeker, want je had geen aparte opener nodig. Maar het werkte niet altijd ideaal: het dunne stripje kon afbreken of het sleuteltje schoot los. Dan moest je alsnog iets verzinnen om het blik open te krijgen.
Toch vonden veel mensen het een slimme oplossing voor onderweg of op vakantie.
Waarom je dit systeem bijna niet meer ziet
Tegenwoordig hebben de meeste blikjes een treklipje waarmee je ze zo open trekt. Dat gaat sneller en is gebruiksvriendelijker.
Daardoor zijn de oude blikjes met dat kleine sleuteltje langzaam uit het straatbeeld verdwenen.
Een vleugje nostalgie
Voor veel mensen roept dat sleuteltje van corned-beef- en sardientjesblikjes meteen nostalgie op. Een klein detail, maar wel eentje dat je direct herkent uit de keuken van vroeger.
Het laat mooi zien hoe verpakkingen door de jaren heen zijn veranderd. Wat ooit een slimme vondst was, is nu vooral een herinnering aan hoe we toen blikjes openmaakten.



