Sinds de komst van de elektrische wasmachine werd het apparaat razendsnel populair en is het sindsdien continu doorontwikkeld. Tegenwoordig staat er in bijna elk huishouden wel eentje, omdat je er kleding super effectief mee schoon krijgt. Maar hoe geavanceerder ze worden, hoe lastiger het soms is om ze goed te gebruiken: veel mensen vullen de verkeerde bakjes met de verkeerde producten.
Door alle technologische vernieuwingen zijn er bovendien talloze gespecialiseerde wasproducten bijgekomen: wasmiddelen voor verschillende kleuren stoffen, allerlei soorten wasverzachter, kleurvangdoekjes en krachtige vlekkenoplossers. Daardoor wordt het kiezen van het juiste product en programma een stuk lastiger, met als gevolg dat de doseerlade vaak verkeerd wordt ingedeeld.

Waarvoor dient het derde bakje van je wasmachine?
Gewoonlijk gaat het wasmiddel in het eerste vakje en belanden de wasverzachterstabletten in het tweede. Het derde vakje wordt vaak — onterecht — gezien als het vak voor vloeibare wasverzachter. Dat misverstand kan de waskwaliteit verslechteren: je kleding komt dan minder schoon en fris uit de machine dan nodig is. Waar is dat derde vakje dan wél voor?
Fabrikanten hebben het derde compartiment juist bedacht als extra plek voor wasmiddel. Het lijkt op het eerste vakje, maar er is één belangrijk verschil: in het eerste vakje gaat je reguliere wasmiddel voor de hoofdwas, terwijl het derde vakje bedoeld is voor wasmiddel dat tijdens de voorwas wordt ingezet.
Veel moderne wasmachines hebben namelijk een voorwasoptie om extra vuile was grondiger te reinigen. In dat derde vakje hoort daarom een middel met vlekoplossende of desinfecterende werking. Wist je dat?



